Terwijl ik gebroken was van de nacht en dag vroeg ik vriendlief of hij alsjeblieft mee ging naar het strand. Ik was moe, heel moe en moest echt even uitwaaien op het strand. De hele dag was onze kleine indiaan huilerig, was alleen stil als ze op mijn buik lag en hing het liefste als een zuignap aan de tepel vast. Ik moest natuurlijk ook niet schrijven dat het zo goed ging, dat kwam mij duur te staan.

Terwijl we een heerlijke salade aten die ik deze week even zal delen besloten we om met mijn auto te gaan. Opeens sliep de kleine indiaan als een roosje toen ik alle spullen pakte. Ik zocht haar zonnehoedje op, gooide een luier en doekjes in de tas en wij konden gaan. Wat was het heerlijk, de zon op de huid en de wind door mijn haren.

Het was rustig en wij liepen heerlijk met zijn drie een klein stukje over het strand. Niet ver want mijn benen gingen niet meer zover. Het zand tussen mijn tenen was wel even echt fijn, opeens besefte ik me dat ik al jaren niet meer in zee heb gezwommen. Terwijl wij zigzaggend over het strand tussen de kwallen  wandelden besefte ik ook meteen weer waarom.

De zon zakte langzaam richting de zee en wij dronken een kopje thee op het terras. Voor wij richting huis gingen vroeg de kleine indiaan nog wat eten. Het voordeel van borstvoeding is dat je niet met bakjes en zakjes hoeft te klooien en dus zo heerlijk ligt bepakt op pad kan.

Wat heb ik genoten van het bezoekje aan het strand. We wandelde niet ver, maar enkel even dat stukje over het strand. Even een kopje thee op een terras en gewoon voor het eerst echt even verder weg dan 10 minuten van huis met het gezin. Oh wat zullen wij nog veel gaan wandelen, maar daarvoor moet mijn conditie natuurlijk eerst wel wat beter zijn. Want voor nu is vijf kilo extra op de schouders van de kleine indiaan en die benen die niet meer ver hebben gewandeld al vermoeiend genoeg.