Het is al een paar dagen mistig en voor het eerst maak ik weer eens een wandeling. Ook nam ik weer eens sinds tijden mijn camera mee, de grauwe winter vind ik nooit echt fotogeniek en zo komen hier ook minder foto’s langs. Maar de mist zorgde er voor dat de camera weer mee ging, terwijl ik verdwaalde en mijn telefoon thuis had gelaten keek ik mijn ogen uit.

Er groeide paddenstoelen aan de bomen, ik zag narcissen overal in het park bloeien en zei vele hardlopers gedag. De klok moest nog negen uur slaan en ik liep al lekker mijn ronden buiten. De mist zorgde ervoor dat ik het koud had, de wereld klein werd en mysterieus.

Een mooi roodborstje speelde een spelletje, terwijl ik ze normaal nooit op de foto krijg mocht ik deze fotograferen. Ze hupste van tak naar tak voor mij uit, voorzichtig en met veel geduld wist ik deze foto te maken. Voor het eerst sinds jaren staat er een vogeltje op de foto, wat zijn het toch mooie leuke vogeltjes!

Nog een paar straten voor ik thuis was en toen, toen viel mijn meisje inslaap. De hele route was ze wakker geweest en keek ze haar ogen uit. Meer dan een uur wandelde wij door het park, langs het water en tussen de huizen. Even onbereikbaar zijn was heerlijk, alle aandacht bij de omgeving en mijn meisje.

Het was weer even als van ouds, nu is het hopen dat snel de lente komt. Want de winter, ik vind het maar somber en grauw, althans in Nederland. Want een winter met sneeuw, ijs op het water en buiten kunnen schaatsen. Dat vind ik mooi aan de winter, maar helaas zal dat niet meer gebeuren.